Waarom verschillende coachmodellen geen verzameling trucjes zijn
Een beginnende coach stelt soms een heel begrijpelijke vraag:
Welk coachmodel moet ik gebruiken?
Wie zich verdiept in coaching ontdekt namelijk al snel dat er niet één manier bestaat om een goed coachgesprek te voeren. Er zijn verschillende modellen, verschillende invalshoeken en verschillende manieren om naar verandering te kijken.
Het ene model helpt om een vraagstuk te verhelderen. Een ander model helpt om een doel concreet te maken. Een derde model richt zich vooral op mogelijkheden en wat al werkt.
Voor een beginnende coach kan dat soms verwarrend zijn. Moet je kiezen voor één model? Moet je een model van begin tot eind volgen? Of moet je vooral je eigen intuïtie volgen?
Wij denken dat het antwoord ergens tussen deze uitersten ligt.
Een goed coachmodel geeft houvast. Maar professioneel coachen betekent uiteindelijk dat je leert zien welk soort begeleiding iemand op dat moment nodig heeft.
Een model geeft structuur
Een coachgesprek kan soms alle kanten opgaan. Iemand komt bijvoorbeeld binnen met een ogenschijnlijk eenvoudige vraag:
“Ik wil iets veranderen in mijn werk, maar ik weet niet wat.”
Waar begin je dan? Ga je eerst onderzoeken wat iemand precies wil bereiken? Onderzoek je wat er op dit moment speelt? Kijk je naar eerdere ervaringen? Of richt je je meteen op mogelijkheden en concrete stappen?
Zonder enige structuur kan een gesprek gemakkelijk blijven hangen in een interessant gesprek zonder dat er werkelijk iets verandert.
Een coachmodel kan dan helpen. Een model geeft een soort routekaart. Het helpt de coach om overzicht te houden en geeft de cliënt vaak een gevoel van richting. Maar een routekaart is nog geen reis. En precies daar begint het verschil tussen een model kennen en strategisch kunnen coachen.
Van model volgen naar strategisch kiezen
Wanneer je een model voor het eerst leert, is het logisch dat je het nauwkeurig volgt. Je wilt begrijpen hoe het werkt. Je wilt de verschillende stappen kennen en ervaren wat het model doet in een gesprek.
Dat is een belangrijke fase in het leren coachen. Maar uiteindelijk moet je daar voorbij. Een ervaren coach denkt niet voortdurend:
Nu zijn we bij stap drie van model X.
De aandacht gaat naar de cliënt. Wat gebeurt hier? Waar staat deze persoon? Wat heeft hij of zij nu nodig? Is er voldoende helderheid over het vraagstuk? Is er vooral behoefte aan inzicht? Of is iemand al klaar om in beweging te komen?
Strategisch coachen betekent daarom dat je verschillende mogelijkheden kent en bewust kiest welke benadering op dat moment het meest passend is.
Drie modellen die ieder iets anders bieden
Binnen onze opleidingen vinden we het daarom waardevol dat studenten verschillende modellen leren kennen. Niet om zoveel mogelijk methodieken te verzamelen, maar om te ontdekken dat ieder model een ander perspectief biedt.
Drie modellen die daarbij een belangrijke rol kunnen spelen zijn Egan, GROW en oplossingsgericht coachen.
Egan: eerst begrijpen wat er werkelijk speelt
Het model van Gerard Egan, bekend uit Deskundig hulpverlenen, biedt een stevige structuur voor het onderzoeken van een vraagstuk.
Het model begint niet met de vraag wat iemand moet gaan doen. Eerst wordt onderzocht wat er aan de hand is. Wat is het verhaal van de cliënt? Hoe ziet de situatie eruit? Wat speelt er werkelijk?
Vervolgens ontstaat ruimte om te onderzoeken wat iemand anders zou willen. Vanuit daar kan worden gekeken naar mogelijkheden en uiteindelijk naar concrete acties.
Egan biedt daarmee een waardevolle route van huidige situatie naar gewenste situatie en vervolgens naar handelen.
Inzet: vooral wanneer een vraagstuk nog niet helder is en eerst verdieping en verheldering nodig zijn voordat het zinvol is om naar oplossingen of acties te gaan.
Voor beginnende counsellors is dat een belangrijk inzicht: je hoeft niet meteen naar een oplossing. Soms moet je eerst helpen om het vraagstuk werkelijk te begrijpen.
GROW: van doel naar actie
Het GROW-model, onder andere bekend geworden door het werk van John Whitmore, heeft een wat andere nadruk.
GROW staat voor Goal, Reality, Options en Will.
De cliënt onderzoekt eerst wat hij of zij wil bereiken. Vervolgens wordt gekeken naar de huidige werkelijkheid. Daarna worden verschillende mogelijkheden onderzocht en ten slotte wordt de stap gemaakt naar wat iemand daadwerkelijk gaat doen.
GROW kan daardoor een krachtige structuur bieden wanneer iemand al een redelijk duidelijk doel heeft.
Inzet: vooral wanneer een cliënt weet dat er iets moet veranderen en geholpen kan worden om van een doel naar concrete mogelijkheden en actie te komen.
Maar ook hier geldt: het model is niet automatisch passend.
Wanneer iemand nog helemaal niet weet wat de werkelijke vraag is, kan het te vroeg zijn om meteen naar een doel en actie te gaan.
Oplossingsgericht coachen: kijken naar wat al werkt
Bij oplossingsgericht coachen verschuift de aandacht van het probleem naar de gewenste situatie en naar wat al werkt.
In plaats van uitgebreid te onderzoeken waarom iets misgaat, wordt bijvoorbeeld gevraagd:
Wanneer lukt het al iets beter?
Wat is er anders op momenten dat het probleem minder aanwezig is?
Wat zou een kleine verbetering zijn?
De aandacht gaat daarmee naar mogelijkheden, uitzonderingen, kwaliteiten en kleine stappen vooruit.
Inzet: bijvoorbeeld wanneer een cliënt sterk gericht is geraakt op wat niet lukt en daardoor moeilijk mogelijkheden ziet.
Oplossingsgericht coachen kan dan helpen om opnieuw beweging te ervaren.
Maar ook hier geldt dat niet iedere cliënt en ieder vraagstuk gebaat is bij een snelle beweging richting oplossingen. Soms is er eerst ruimte nodig om te begrijpen wat er werkelijk speelt.
Geen van deze modellen is het beste
Dat is misschien wel het belangrijkste punt. Egan is niet beter dan GROW. GROW is niet beter dan oplossingsgericht coachen.
En oplossingsgericht coachen is niet automatisch de meest effectieve manier om een gesprek te voeren. Het zijn verschillende manieren om naar een gesprek en naar verandering te kijken. Stel bijvoorbeeld dat iemand zegt:
“Ik weet dat ik iets anders wil in mijn werk, maar ik heb geen idee wat.”
Dan kan het waardevol zijn om eerst uitgebreider te onderzoeken wat er speelt. Een benadering die meer aansluit bij Egan kan dan houvast bieden.
Maar stel dat iemand zegt:
“Ik weet precies wat ik wil bereiken, maar ik krijg mezelf niet in beweging.”
Dan kan GROW een heel andere ingang bieden.
En wanneer iemand vooral vertelt:
“Het lukt me nooit. Ik doe het altijd verkeerd.”
kan een oplossingsgerichte benadering helpen om samen te onderzoeken wanneer het wél lukt en welke mogelijkheden daar al zichtbaar worden.
De situatie bepaalt dus mede welke benadering passend is.
De cliënt bepaalt uiteindelijk de route
Daarbij is het belangrijk om niet te vergeten dat een coachmodel er voor de cliënt is en niet andersom. Het risico van een model is namelijk dat de coach verliefd wordt op zijn eigen structuur. Je hebt een model geleerd. Je kent de vragen. Je weet welke stappen volgen. En daardoor ontstaat ongemerkt de neiging om de cliënt door het model heen te bewegen.
Maar dan wordt de cliënt degene die zich moet aanpassen aan de methode. Terwijl het eigenlijk andersom zou moeten zijn.
De methode moet zich aanpassen aan wat er in het gesprek gebeurt.
Dat vraagt van een coach niet alleen kennis van verschillende modellen, maar vooral het vermogen om goed waar te nemen.
Luisteren blijft de basis
Daarom begint strategisch coachen uiteindelijk niet bij modellen.
Het begint bij luisteren. Als je werkelijk luistert, hoor je niet alleen de woorden van de cliënt. Je let ook op wat iemand niet zegt. Op emoties. Op twijfel. Op tegenstrijdigheden. Op patronen. Op wat iemand steeds opnieuw benoemt. Je merkt bijvoorbeeld dat iemand zegt:
“Ik wil eigenlijk weg uit mijn baan.”
Maar wanneer je verder vraagt, blijkt dat het probleem misschien helemaal niet de baan is. Misschien gaat het over onzekerheid.
Of over de angst om een verkeerde keuze te maken.
Of over een patroon waarin iemand steeds zijn eigen behoeften opzijzet. Dan verandert ook de manier waarop je het gesprek voert.
Het doel is niet langer alleen om een loopbaankeuze te maken. Eerst moet misschien duidelijk worden wat iemand werkelijk tegenhoudt.
Daarom is strategisch coachen onlosmakelijk verbonden met goed luisteren en zorgvuldig waarnemen.
Een model is geen antwoord
Dat is misschien wel een van de belangrijkste inzichten voor beginnende coaches. Een model geeft je geen antwoord op de vraag wat je moet doen. Het helpt je om beter na te denken over wat er nodig is.
Wie alleen één model leert, kan gemakkelijk heel methodisch gaan werken. Wie meerdere modellen leert kennen, krijgt de mogelijkheid om te vergelijken. Wat past hier? Wat zou deze cliënt verder helpen? Wat gebeurt er wanneer ik deze invalshoek kies? En misschien nog belangrijker:
Wat heeft deze cliënt op dit moment helemaal niet nodig?
Juist die laatste vraag wordt nogal eens vergeten. Professioneel coachen gaat namelijk niet alleen over weten wat je kunt doen. Het gaat ook over weten wanneer je iets niet moet doen.
Integratief leren werken
Binnen onze hybride opleiding Coaching & Counselling besteden we daarom aandacht aan verschillende coachmodellen en aan strategisch coachen.
Niet om studenten een grote verzameling modellen mee te geven die ze vervolgens allemaal moeten toepassen.
Wel om hen te leren kijken naar de mogelijkheden die verschillende modellen bieden en te ervaren wat ieder model in een gesprek kan toevoegen.
Egan kan helpen om een vraagstuk te onderzoeken en te verdiepen.
GROW kan structuur bieden wanneer een duidelijk doel en concrete actie centraal staan.
Oplossingsgericht coachen kan helpen om opnieuw mogelijkheden en beweging te ontdekken.
Door verschillende modellen te leren kennen, ontstaat uiteindelijk meer vrijheid. Je hoeft niet meer automatisch één vaste route te volgen. Je kunt bewuster kiezen. En juist daardoor wordt je manier van begeleiden steeds meer van jezelf.
Van techniek naar vakmanschap
Misschien is dat uiteindelijk waar het bij coachen om draait. In het begin heb je houvast nodig. Je leert vragen stellen. Je leert modellen kennen. Je oefent met structuren en technieken. Maar naarmate je meer ervaring krijgt, verschuift je aandacht. Je bent steeds minder bezig met:
Welke techniek moet ik nu gebruiken?
En steeds meer met:
Wat gebeurt hier eigenlijk?
Wat heeft deze persoon nodig?
Wat vraagt dit gesprek van mij?
Daar begint vakmanschap. Niet wanneer je alle modellen kent. Maar wanneer je ze kunt gebruiken zonder dat de cliënt merkt dat je een model gebruikt.
Ter overdenking
Wanneer merk jij in een gesprek dat je te veel bezig bent met de methode en te weinig met wat er werkelijk bij de ander gebeurt?
Misschien is dat wel het moment om even terug te keren naar de basis:
luisteren, waarnemen en opnieuw kiezen.
Wil je je verder ontwikkelen in coaching en counselling?
In onze hybride opleiding Coaching & Counselling leer je niet alleen verschillende coachmodellen kennen. Je leert vooral hoe je deze kunt inzetten vanuit een professionele basishouding, met aandacht voor de persoon tegenover je.
Bekijk dan onze Hybride opleiding Coaching / Counselling.
Aantal Cursisten Afgestudeerd
Sinds
Slagingspercentage



